De toekenning is goed nieuws, want met deze kennisbasis leveren we een belangrijke bijdrage aan de effectiviteit van onze inzet en ambities voor het Limburgs. Bovendien is het ontwikkelen van academische kennis over onze taal een vereiste onder de huidige Deel II-erkenning van het Limburgs.
Wat gaan we doen?
- Inzicht bieden in bestaand onderzoek. Beschikbare kennis over onze taal maken we inzichtelijk voor een breed publiek. En we brengen in kaart wat we eigenlijk al weten over de taal en wat nog niet. Dat betekent ook dat we inventariseren welke vragen er in de nabije toekomst beantwoord zouden moeten worden.
- In kaart brengen hoe we de vitaliteit van de taal het beste kunnen monitoren. We schrijven een advies voor de Provincie Limburg over hoe we dit in de toekomst het beste kunnen aanpakken. Hiervoor kijken we onder andere naar hoe andere (minderheids)taalgebieden hiermee omgaan.
- Ervaren hoe het werkt om met verschillende instellingen samen onderzoek te doen naar het Limburgs. Op basis van onze bevindingen adviseren we de Provincie Limburg over duurzame organisatievormen voor toekomstig onderzoek.
Het is van groot belang om systematisch inzicht te krijgen in het gebruik van het Limburgs en de attitude ten opzichte van onze taal. Ook de context waarin het Limburgs wordt gebruikt is relevant. Wanneer gebruiken mensen Limburgs, en wanneer niet? En welke redenen hebben ze daarvoor? Hoe meer zicht we op deze vraagstukken hebben, hoe beter we ons beleid kunnen afstemmen op wat er nodig (en realistisch) is binnen onze taalgemeenschap. Aon de geng dus!